|
|
Nooit meer verdwalen
Met een GPS is navigeren heel eenvoudig.
De GPS weet waar je bent en de GPS bepaalt de koers naar je bestemming.
Voor je gaat wandelen is het handig ook je vertrekpunt in je GPS vast te leggen (markeren).
Je kunt dan altijd je auto terugvinden! Denk ook aan reservebatterijen als je de natuur in gaat met een GPS.
Coördinaten bepalen
Voor je met een GPS op pad gaat, zul je de coördinaten van je bestemming moeten bepalen.
Dat kan op heel veel manieren.
Je kunt de coördinaten bijvoorbeeld van een kaart afhalen.
Dat kan een papieren kaart zijn, maar ook een kaart die je op je PC kunt weergeven, zoals Topo-NL.
Een andere bron is Google Earth waarmee je de coördinaten van alle locaties op de wereld kunt opvragen.
Ook zijn er veel boeken en internetsites met coördinaten van locaties in binnen- en buitenland.
|
|
Een waypoint
Als je de coördinaten hebt van de locatie waar je naar toe wilt, moet je ze invoeren in je GPS.
Aan die coördinaten geef je een naam (of een nummer).
Door die naam kun je de coördinaten weer makkelijk terugvinden.
Die coördinaten met een naam noem je een waypoint.
En naar dat waypoint kun je vervolgens navigeren.
|
|
MapSource
|
|
|
MapSource is een programma van Garmin waarmee je digitale kaarten zoals Topo-NL kunt bekijken, waypoints en routes kunt maken en de gegevens naar een GPS kunt sturen en van een GPS kunt halen.
|
|
|
|